De huurprijs die je zal betalen voor jouw sociale woning is afhankelijk van een aantal factoren. Hieronder krijg je meer uitleg over hoe jouw huishuur berekend zal worden.

1. Inkomen

Om je huurprijs te berekenen, vertrekken we van 1/55 van je geïndexeerde netto belastbaar inkomen. Zo nemen we voor de huurprijs van 2018 je inkomen van 2015 dat wordt geïndexeerd naar juni 2017 . Als je netto belastbaar inkomen in 2015  bijvoorbeeld 12.000 euro was, betaal je maximaal 222,37 euro huur per maand (12.230 gedeeld door 55). Als je inkomen minder dan het leefloon is, wordt het bedrag van het leefloon gebruikt in de berekening van de huurprijs.

2. Gezinskorting

In 2018 bedraagt de normale gezinskorting 19 euro per persoon ten laste.

  • Als je kind officieel op jouw adres woont, krijg je 19 euro korting.
     
  • Als je kind niet bij officieel op jouw adres woont, maar het verblijft regelmatig bij jou (co-ouderschap, bezoekrecht,...), krijg je de helft van de korting: 9,50 euro. Als jij en de andere ouder bij Volkshuisvesting of een andere sociale huisvestingsmaatschappij wonen, krijgt iedere ouder een gezinskorting van 9,50 euro.
    Om deze korting te krijgen, moet je ons een ingevuld en ondertekende verklaring op eer over omgangsregeling bezorgen.
     
  • Als jij en/of een ander gezinslid een handicap heeft die voor meer dan 66% wordt erkend, is dat gelijk aan een persoon ten laste. Dat kan je bewijzen met een document waarop het percentage van de handicap staat. Voor niet-gepensioneerden kan dit een bewijs van de mutualiteit zijn. Voor gepensioneerden is dat een eenmalig bewijs van de mutualiteit. Ook FOD Sociale Zekerheid, DG Personen met een handicap kan een attest van handicap afleveren.
     
  • Voor kinderen ten laste die een handicap van meer dan 66% hebben, is er een dubbele gezinskorting van 38 euro.

3. Patrimoniumkorting

We vertrekken van de markthuurwaarde van de woning. Dat is de huurprijs die een woning van hetzelfde type, ouderdom en onderhoud op de private markt zou kosten. Afhankelijk van de markthuurwaarde, wordt er nog een korting gegeven. Sociale woningen met een lage markthuurwaarde (bijvoorbeeld oudere woningen of woningen in een minder aantrekkelijke buurt) krijgen een grote korting. Hoe goedkoper de woning, hoe groter de extra korting. Dit noemen we de patrimoniumkorting. Als de private huurmarkt duurder wordt, wordt deze korting aangepast. Zo blijven sociale woningen betaalbaar.

Op basis van de marktwaarde wordt een zogenaamde patrimoniumkorting voor 2018 berekend. Voor een woning met een marktwaarde lager of gelijk aan 274 euro, is de patrimoniumkorting 139 euro. Voor een woning met een marktwaarde hoger of gelijk aan 710 euro, is er geen patrimoniumkorting. Voor woningen met andere marktwaarden, wordt de patrimoniumkorting berekend via een formule.

De patrimoniumkorting staat vermeld op de berekeningsnota die je meekrijgt bij de start van je huurovereenkomst.

4. Minimum en maximum

Je betaalt dus nooit meer dan 1/55 van je inkomen, maar je betaalt ook nooit meer dan de marktwaarde van jouw woning. Het laagste van beide is dus het maximum. Er is ook een absoluut minimum. Voor een woning met een marktwaarde lager of gelijk aan 274 euro, is de minimale huurprijs 121 euro. Voor een woning met een marktwaarde hoger of gelijk aan 710 euro, is de minimale huurprijs 242 euro. Voor woningen met andere marktwaarden, wordt de minimale huurprijs berekend via een formule.

De minimum- en maximumhuurprijs staat vermeld op de berekeningsnota die je meekrijgt bij de start van je huurovereenkomst.

5. Formule


Als je na deze berekening onder de minimumhuurprijs zit, zal jouw huur gelijk zijn aan de minimumhuurprijs.
Als je na deze berekening boven de maximumhuurprijs zit, zal jouw huur gelijk zijn aan de maximumhuurprijs.

6. Herberekening op huidig inkomen

Als je op dit ogenblik 20% (één vijfde) minder verdient dan in 2015, kom je in aanmerking voor een herberekening van je huishuur. 
Meer info vind je hier.